Daltonprincipes in de praktijk:
Verantwoordelijkheid

Veel van de lessen uit de methode De Vreedzame School gaan over communicatie. De laatste weken hebben we geoefend met communiceren vanuit verschillende gezichtspunten. Het valt waarachtig niet mee je te verplaatsen in de zienswijze van iemand anders.

We verdelen de leerlingen in twee groepen.
De ene groep bestaat uit leden van de gemeenteraad met de portefeuille woningbouw. Hilversum heeft drieduizend woningzoekenden. Voornamelijk jonge mensen. De gemeenteraad heeft een plan ontwikkeld: een pracht van een flat. De ideale plek? Het Kapteinplein achter de school. Onder de flat is een ruime parkeergarage voorzien, die ook door omwonenden gebruikt kan worden.
De andere groep bestaat uit de bewonersvereniging. De leden zijn fel gekant tegen de plannen, ze nemen de tijd en bereiden zich intensief voor op de inspraakronde.
Beide groepen hebben een voorzitter, een notulist en een tijdsbewaker.

De rol van de leerkrachten is minimaal: ze observeren, mengen zich niet in het debat en letten op argumenten, inzet en inbreng.

De plannen van de gemeenteraad worden vakkundig toegelicht.
Iemand uit de bewonersvereniging reageert als eerste. Hij is de vader van een bijzonder zoontje. Kindlief durft uitgerekend enkel en alleen op het Kapteinplein te spelen, enkel en alleen daar. Hoe moet dat nu, als juist dit plein wordt volgebouwd?
Een van de gemeenteraadsleden wijst erop dat door de parkeergarage er minder blik op straat zal staan. Minder auto’s langs de weg betekent meer ruimte voor kinderen. Daarbij kan er een extra veilig voorplein worden gemaakt met heel veel leuke speeltoestellen en een personal coach voor het bange zoontje…
Nu neemt, de aanwezigen kunnen het niet laten om te gniffelen, een naturiste het woord: “Ik wil per sé bloot in mijn achtertuin kunnen liggen. Maar dan wel onbespied. Hoe kan ik nu, met een flat vol gluurders naast de deur, gewoon mezelf zijn?”
Een gemeenteraadslid onderkent het probleem. Hij probeert de vrouw tegemoet te komen. “De flat kan wel iets minder hoog gebouwd worden. Dan kan mevrouw, met alle respect, bloot en onbespied in haar achtertuin liggen.” De andere gemeenteraadsleden kijken hem verwijtend aan: niet zo snel door de knieën gaan, man, dat kan altijd nog, eerst je poot stijf houden!
Een andere bewoner heeft een minder persoonlijk argument: “Onze wijk is ontworpen door Dudok. Het is een hele bijzondere wijk. Nergens staan flats. Hoogbouw past hier niet.”
Een vrouw neemt het woord: “Ik ben een zeer oude dame en ik heb een zeer oude poes.” Hier en daar is opnieuw gegniffel hoorbaar. “Het Kapteinplein is de lievelingsplek van mijn poes. Ze jaagt er op vogeltjes, verschuilt zich onder de heg of ligt te spinnen in de zon. Waar moet het arme beestje nu naar toe?”

Het valt om de drommel niet mee, niet voor grote en niet voor kleine mensen, om over het directe eigenbelang heen te kijken en je te verplaatsen in het gezichtspunt van een ander. Gelukkig blazen de tijdsbewakers af. Het valt om de drommel niet mee, niet voor kleine en niet voor grote mensen: drie kwartier vergaderen is meer dan genoeg.

KARIN REEF

Karin \'Kaatje\' Reef