Dalton principes in de praktijk:
Verantwoordelijkheid

“Zijn er twee vrijwilligers voor een tuinklus?” Twee jongens steken hun vinger op: “Wij willen wel. Dan plannen we dat in een werkuur, want de instructie en de les willen we liever niet missen”.
De twee jongens, beter gezegd: de twee jonge mannen, zijn even later druk doende in de voorbak van het Vijverplein. Gaten worden gegraven, water toegevoegd, planten gepoot en de grond flink aangestampt. Ze zullen de taak op hun weekplanner schrijven en aangeven hoeveel tijd die ongeveer gekost heeft. Geen verloren tijd, maar tijd waarvan je weet waar die gebleven is, tijd waarin niet iets anders kon gebeuren.

Ooit schreef een leerling op zijn planner: 15 minuten voor me uitgestaard.
Ook zijn tijd was niet verloren gegaan. Hij nam de verantwoordelijkheid voor de besteding van zijn tijd. Misschien zat hem iets dwars, misschien moest hij voor iets een oplossing zoeken, ergens nog eens goed over nadenken of had hij gewoon zin om een beetje te mijmeren….

Het tweede deel van de tuinklus is het planten van de kruiden. Binnen de buxushaagjes in de schooltuin bevindt zich de kruidentuin. Het akelige zevenblad moet verwijderd en de nieuwe kruiden geplant. Die middag zie ik een van de twee jongens druk in de weer met de plantjes. “Ben je alleen?”, vraag ik. “Ja, het was lastig om een tijd af te spreken waarop het ons allebei uitkwam. Het kostte zoveel tijd om eruit te komen. Daarom doe ik het maar alleen.”

Een school met haar bevolking. Een school als werkplaats, studieplek, atelier en speelplaats. Voor die school ben je met z’n allen verantwoordelijk, het is ieders plek. Met de zorg voor die plek is tijd gemoeid, maar dat is geen verloren tijd.
In iedere groep bespreken leerkrachten met hun leerlingen wat de taken en verantwoordelijkheden zijn: wie maakt het bord schoon, wie geeft de planten water, wie houdt de kasten netjes, enz. Ze maken afspraken en houden elkaar eraan.
Maar dat is nog niet alles. Het takenbord in de hal verdeelt de grote klussen over de groepen. Dan gaat het over het verzorgen van de kippen, het afvoeren van het afval, het verzamelen van de vuile was, het ophangen van schone handdoeken en het schoonhouden van de pleinen.

Een jongen en een meisje uit een middengroep zijn na schooltijd nog druk in de weer met het schoonmaken van het bord. Ze hebben de planten al water gegeven, de vloer geveegd en de tafels in de gang schoongeboend. Een ongeduldige moeder kijkt geamuseerd toe en moppert: “Dat doe je thuis nou nooit”.
Voor het glanzend schone bord kijkt het meisje over haar schouder naar haar moeder en schenkt haar een veelbetekenende glimlach.

KARIN REEF

Karin \'Kaatje\' Reef